Positie 1
Positie 2
Positie 3
Positie 4
Positie 5

Hier zie je Pascalle Paerel, danseres bij Het Nationale Ballet. Ze toont de vijf klassieke balletposities. Deze balletposities vormen de basis van het klassieke ballet.

positie 1
positie 2
positie 3
positie 4
positie 5

Probeer ze maar eens na te doen!

Dansers volgen iedere dag een klassieke balletles. Ze staan tijdens de oefeningen altijd in verschillende posities. Nooit eens makkelijk met de voeten naast elkaar.
Misschien voelt het raar in je knieën of bij je enkels. Als je je voeten zo naar buiten draait heet dat 'uitdraaien'. In de klassieke techniek word je al op heel jonge leeftijd geleerd om uit te draaien.

De spieren van je voeten, benen en bekken wennen aan die beweging. Het resultaat is dat je uiteindelijk je benen prachtig hoog opzij kunt optillen! Maar dat kost wel een aantal jaren oefenen.

In het klassieke ballet dansen de vrouwen op spitzen. Spitzen hebben een harde neus. Danseressen doen speciale beschermers om hun tenen voordat ze op spitzen gaan staan. Spitzen zijn uitgevonden in de 19e eeuw. Het eerste ballet dat op spitzen werd gedanst heette La Sylphide in 1832.

La Sylphide
La Sylphide betekent de luchtgeest. In die tijd geloofden mensen in feeën en geesten die hoog boven ons vlogen. Om dat effect op toneel te bereiken werd de spitz uitgevonden. Zo leek het net alsof de danseressen konden zweven.

Zwevende danseressen

De mannen tilden hen hoog op en de ballerina's kwamen weer op het topje van hun tenen neer.

Spitzen

Spitzen

Nog steeds dansen ballerina's op spitzen. Het dansen op spitzen hoort bij de klassieke stijl, het ziet er licht en mooi uit. Het is een techniek waarmee je mag beginnen als je ongeveer 12 jaar bent en regelmatig balletlessen volgt. Je voeten moeten er aan wennen want je hele gewicht steunt alleen op je tenen. In het begin doet het pijn. Als je wat meer eelt op je tenen krijgt gaat het beter!